Een lange reis… maar we zijn er! ✈️
Na een vliegtuigwissel én een toestel dat opnieuw ingeruimd moest worden, is het Isendoorn College na maar liefst 16 uur reizen veilig aangekomen in Suriname. Vera zorgde op Nederlandse bodem nog voor een klein spannend momentje bij de self-scan van de douane toen ze enthousiast riep: “Let’s goooo, ik ben er doorheen!" en ze dit even moest komen uitleggen. Gelukkig was er niks aan de hand. Het werd een flinke reis, maar wat heeft de groep het goed gedaan. Jans aanstekelijke “Blijven genieten hè!” hield de sfeer erin en zorgde ervoor dat iedereen positief bleef 👏.
Na aankomst in Suriname volgde nog een busrit van ongeveer een uur naar ons hostel, Asewa Otono. Daar verdeelden we 28 meiden over vijf kamers en kregen de vijf mannen samen hun eigen kamer. Het was inmiddels bijna middernacht, dus we gunden iedereen ’s ochtends een uurtje extra slaap. Al waren sommige vroege vogels daar niet van onder de indruk: om 5.00 uur werd er al gewandeld over het terrein. Daarbij werd zelfs een mysterieus dier gespot: bruin, met een soort slurf én een staart 🐾. Wat het precies was? Dat blijft voorlopig een raadsel.
Om 9.00 uur verzamelden we voor het ontbijt. Een broodje gezond en een appel zorgden voor de nodige energie, al viel het bij de één iets beter in de smaak dan bij de ander 😉. Daarna stond een taal- en cultuurles op het programma, verzorgd door Euritha, onze contactpersoon hier in Suriname. De leerlingen moesten nog even wakker worden, maar Euritha kreeg ze enthousiast mee door alles hardop te laten oefenen. We leerden tellen tot tien (waarbij “vijfie” favoriet werd) en oefenden hoe je zingend zegt: “Oewekio!”; goedemorgen, ik heb lekker geslapen en het gaat goed. Dat moet natuurlijk wel met de juiste toon: oeweeekiooo 🎶. Handig voor straks bij de gastgezinnen!
We leerden ook dat Suriname geen vier seizoenen kent zoals wij, maar werkt met kleine en grote regentijden en droge tijden. Op dit moment zitten we in de kleine regentijd, dus een tropisch buitje hier en daar hoort erbij 🌦️. Daarnaast vertelde Euritha over de elf talen die hier gesproken worden en hoe verschillende culturen hier samenleven, iets waar men hier écht trots op is.
Na de les vertrokken we met busjes naar de markt. De leerlingen gingen in zes groepjes op pad met een boodschappenlijst en budget, want ze gaan zelf roti maken 💪. Fanatiek werd er onderhandeld, gezocht en afgestreept. Met goedgevulde tasjes verzamelden we rond het middaguur weer. Vervolgens bezochten we Readytex om souvenirtjes voor het thuisfront te kopen. Het afrekenen van alle cadeaus ging op Surinaams tempo: traag, of zoals ze hier zeggen: relaxt.
De lunch was op een prachtige plek tegenover de Palmentuin in Paramaribo 🌴. Frietjes en burgers gingen er goed in, en met een beetje WiFi werd er hier en daar even naar huis gebeld. Djai belde met een klasgenoot en zei met een grote glimlach: “O ja, jij hebt zometeen Frans… ik ben er lekker niet”. Daarna startten we met een stadswandeling. We liepen onder andere langs Fort Zeelandia, bekeken de Surinamerivier (waar Xian zo’n scherpe vraag stelde over de lengte ervan dat de gids het antwoord schuldig moest blijven 😉) en bezochten de indrukwekkende houten Sint-Petrus-en-Paulusbasiliek. Ook bijzonder was het om te zien dat de Neveh Shalom Synagoge en een moskee vredig naast elkaar staan, een mooi symbool voor hoe culturen hier samenleven. Natuurlijk was er ook een korte pitstop voor een plaspauze, en dat nergens minder dan bij de McDonald's 😄. Er werd enkel gebruikgemaakt van het toilet. Rosalie vroeg zich intussen nog even af waarom men in Suriname links rijdt. De gids drukte ons op het hart dat sommigen beweren dat dit door de Engelsen komt, maar dat er in 1650 nog helemaal geen auto’s bestonden. Simpelweg: de eerste auto die in Suriname werd ingevoerd, had het stuur rechts, en zo is het gebleven.
Terug bij het hostel was het tijd om zelf aan de slag te gaan met het maken van roti. De groep werd verdeeld in team snijden, koken en afwassen. Er ontstond lichte verwarring over aardappelen (geel? wit? knol?) en over hoe groot de stukjes moesten. Iris verwoordde het treffend: “Ohhh, bitesize dus!” 😄 Aubergines werden voor het eerst gesneden, uien zorgden voor tranen en knoflook werd in ware chefstijl fijngesneden. Siem baalde een beetje dat hij nu nog geen Surinaamse roti zou eten, omdat hij hielp deze te bereiden… en hij is natuurlijk geen échte Surinamer. Tijdens het koken hielp Julie fanatiek mee en was ze erg geïnteresseerd in of Euritha vaker roti maakte. Het antwoord: “Nee, dat is veel te veel werk.” Verder werd er volop gedanst door Cato en docent Tom toen Boom, Boom, Boom, Boom van de Vengaboys door de keuken klonk. De groep is een overduidelijke TikTok-generatie, want tijdens het koken werd er behoorlijk afgedanst op nummers van ver voor hun tijd 🕺.
In de rij voor het eten kondigde Thiago aan dat hij roti zou eten zoals echte Surinamers dat doen (met zijn handen) en deze had hij extra goed gewassen 👏. De roti smaakte, zelfs voor degenen die aangaven het niet te lusten, lekker. Echter waren de baka bana’s als toetje zó populair dat ze al op waren voordat de pindasambal rond was gegaan om erbij te eten voor een optimale smaaksensatie.
De afwasploeg maakte er met muziek en zang het beste van, en zorgde dat alles weer spic en span klaarstaat voor morgen ✨. Sommigen sloten de avond af met een potje Weerwolven, anderen lagen languit in bed. Moe. Op. Maar voldaan.
En morgen? Dan hopen we dolfijnen te spotten en maken we ons klaar voor nog meer avontuur, inclusief partybus en karaoke 🎤🚌. En dat kan niet missen, want de keeltjes zijn warm en de heupjes los. Sleepie sweeties allemaal!